Onroerendezaakbelasting

Bij de onroerendezaakbelasting (OZB) is sprake van een belasting voor de eigenaar van een woning of bedrijfspand en een belasting voor de huurder/gebruiker van een bedrijfspand. Voor deze belastingen geldt dat de situatie op 1 januari 2018 bepaalt wie waarvoor wordt aangeslagen. De hoogte van de aanslag is een percentage van de vastgestelde WOZ-waarde. Deze staat vermeld op de aanslag.

Kosten

De OZB wordt berekend naar een percentage van de waarde van de onroerende zaak.

Woningen:

  • Eigenarenbelasting: 0,2279% van de economische waarde van de woning.

Niet-woningen:

  • Eigenarenbelasting: 0,3584% van de economische waarde van de niet-woning.
  • Gebruikersbelasting: 0,2511% van de economische waarde van de niet-woning.

N.B. Sommige objecten hebben een woongedeelte en een bedrijfsgedeelte. Hierbij kan worden gedacht aan winkelpanden met een woongedeelte en aan boerderijen. In de Wet WOZ is bepaald dat er sprake is van een niet-woning als de waarde van het woongedeelte minder is dan 70% van de economische waarde.

Ontheffing

Bij verkoop van een onroerende zaak of verhuizing in de loop van het jaar, krijgt u geen ontheffing. Als u op 1 januari 2018 eigenaar van een pand was, of u was de gebruiker van een niet-woning, dan betaalt u voor het hele jaar OZB. In geval van verkoop van een onroerende zaak in de loop van het belastingjaar wordt de eigenarenbelasting bij het passeren van de leveringsakte meestal door de notaris verrekend.

Beëindiging van het gebruik van een onroerende zaak heeft evenmin invloed op de hoogte van de aanslag voor de gebruikersbelasting.

Uitgelicht