Geschiedenis
Veendam heeft in het gebied van de Oost-Groninger Veenkoloniën altijd een aparte plaats ingenomen. De geschiedenis is ruim 350 jaar geleden begonnen met turfafgravingen. Veendam heeft voor een deel de typische veenkoloniale lintstructuur, behalve in de buurt van het centrum. Die structuur is veroorzaakt door de aanwezigheid van het riviertje de Oude AE, waardoor het parallel lopende Ooster- en Westerdiep in noordelijke richting van elkaar moesten wijken.
Hieraan dankt Veendam de vorkstructuur, waartussen komvorming kon ontstaan. Daardoor kreeg Veendam een echt centrum in plaats van een langgerekt bebouwingslint. Het centrum wordt gekenmerkt door ruimte, groen en waterpartijen (Parkstad Veendam). Dit bijzondere karakter heeft van oudsher aantrekkingskracht uitgeoefend op mensen die eisen stellen aan hun woonomgeving.
Ontstaan Veendam
In 1655 wordt het kerspel (= kerkdorp) boven Muntendam afgescheiden van Zuidbroek en Muntendam. Het nieuwe kerkdorp komt Veendam en Wildervank te heten. In 1702 worden Veendam en Wildervank zelfstandige kerspels. Veendam gaat bij die gelegenheid strijken met het wapen, dat zijn betekenis eerder aan de geschiedenis van Wildervank ontleent dan aan die van Veendam.
Door de gemeentelijke herindeling komt de gemeente Wildervank op 1 januari 1969 te vervallen. Gelijktijdig worden delen van Wildervank gesplitst tot de nieuwe gemeenten Veendam en Stadskanaal. Borgercompagnie en Tripscompagnie behoren gedeeltelijk bij de gemeente Veendam. Dit is al vanaf het ontstaan van de plaatsen. Later is hier en daar nog een stukje bij Veendam en Hoogezand gekomen.
Bareveld behoort deels bij de gemeente Veendam, een ander stuk behoort bij de gemeente Aa en Hunze. De dorpen Zuidwending en Ommelanderwijk behoren ook van oudsher bij de gemeente Veendam. Dit waren vroeger streekjes langs de aangelegde kanalen, die ontstonden door de vervening. Later werden dit dorpen.
Turf
Uit de oorspronkelijke turfvaart ontstond in de loop der tijden een zo belangrijke kustvaart, dat Lloyds verzekeringen haar eerste kantoor op het vaste land oprichtte in Veendam. Na de vervening werd de grond gebruikt voor landbouw. Uit die landbouw kwam een belangrijke agrarische industrie voort. De huidige aardappelmeel- en derivatenindustrie is daarvan afgeleid. In de tweede helft van de 19e eeuw verliezen de scheepvaart en de scheepsbouw zoveel betekenis dat werd overgeschakeld op onder andere metaalverwerkende industrie.
Raadhuis
In 1877 heeft de gemeenteraad van Veendam een stuk grond gekocht t.w.v. 4000 gulden met de intentie hierop een gemeentehuis te laten bouwen. Na een jaar was het gebouw gereed. In 1913 is het nog verder verbouwd en vergroot. Sindsdien is het oude gedeelte nauwelijks meer veranderd.
Raadzaal
De raadzaal is gevestigd is het oude gedeelte van het gemeentehuis. Deze zaal wordt ook wel de kleine Ridderzaal genoemd. De raadzaal wordt gebruikt voor de maandelijkse raadsvergaderingen, officiële ontvangsten en trouwerijen.
Sinds de 19e eeuw is de raadzaal bijna niet veranderd en beschikt nog over originele aspecten, zoals de twee aapjes die op het touw zitten die oorspronkelijk de raad en het publiek van elkaar scheidde. Daarnaast staan op de vier zuilen verschillende vogels afgebeeld: de haan staat voor waakzaamheid, de pelikaan voor zorgzaamheid, de adelaar voor kracht en de uil voor wijsheid.
Achter in de zaal hangt een wandbord met de namen van alle (voormalige) burgemeesters, wethouders en gemeentesecretarissen. Op de foto's aan de zijwand zijn alle voormalige burgemeesters afgebeeld.
Op de glas-in-loodramen zijn familiewapens afgebeeld van personen die hebben bijgedragen of een belangrijk aandeel hebben gehad in het bestuur of de ontwikkeling van Veendam. Ook in de kamer van de burgemeester zijn enkele glas-in-loodramen te vinden, met prachtige termen als ‘Het is beter gezwegen, als hinder door de praat gekregen' en ‘Een wijs besluit, ziet ver vooruit'.

